Welzijn in de 21e eeuw

Op zoek naar innovaties en innovatief organiseren in de sociale sector

ESSAY

 

SHIFT HAPPENS

Prenten van Jörg Müller van het Zwitserse dorp Güllen door de jaren heen. De kat verandert niet (klik hier voor een grotere weergave). De titel boven de prenten, shift happens, komt van Adjiedj Bakas.

De boodschap? We staan aan de vooravond van een totaal nieuwe tijd waarin de mensen slimmer en socialer zijn dan ooit tevoren. Toch zullen er individuen zijn die niet meekomen vanwege een beperking, afkomst, slijtage, een life-event of een ongeval. En niemand hebben die ze helpt. Gaan we dat oplossen met het welzijnswerk van 1970? 1990? 2011? Zit daar dan verschil tussen? Echt? Of is welzijnswerk die witte kat die altijd dezelfde blijft?

Blogteksten

I love Facebook!

Ik hou heel erg van sociale media. Dat steek ik niet onder stoelen of banken. Al jaren predik ik dat welzijnswerkers hier enorm hun voordeel…

Doorgaan

Door Kim Baesjou geplaatst op 27 Februari 2015 om 13.54

Scherpe woorden

Ooit was er die Duitse filosoof die stelde dat er na Auschwitz niet meer gesproken kan worden van de humanistische verworvenheden van de westerse samenleving. Dat  was…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 5 Januari 2015 om 9.18

Blij in de herfst: Koffie, voorlezen en de sociaal makelaar #activering #participatie

Buiten is het echt herfst en er is geen enkele peuter die zijn moeder bereid heeft gevonden om naar het speelhonk te komen. Geen luisteraars dus voor voorlees omi Annelies. Ik haal…

Doorgaan

Door Jeroen Ouwerkerk geplaatst op 15 December 2014 om 15.08 — 1 commentaar

Burgerinitiatieven die gaan voor gemeentesubsidies: ‘histoire se répète’

Onder druk worden soms de mooiste prestaties geleverd op sportief, cultureel en artistiek gebied.

Facebook staat vol van die voorbeelden.…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 12 Oktober 2014 om 18.57

De magie van het burgerinitiatief

Zeg in een gezelschap dat je bezig bent met een burgerinitiatief en alle ogen gaan in jouw richting.

Immers ‘betrokken burgers’ vormen de nieuwe voorhoede van een…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 17 Mei 2014 om 19.46

Naar een transitie met visie.

 De wijkmanager zegt: ”Ik kan de hele week wel doorbrengen met het aflopen van congressen en seminars over de ‘kanteling”.

Het geeft mij een beeld van ambtenaren en…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 29 Maart 2014 om 8.12

Geen burger zonder initiatief, geen gemeente mét overzicht

Als mijn stad Amersfoort representatief is voor de opkomst van burgerinitiatieven (BI’s) , dan ziet het er rooskleurig uit voor de rol die de burger gaat spelen binnen de kanteling van het sociaal domein.  De…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 23 Maart 2014 om 9.30

‘Bewoners aan zet’: een conferentie voor de burger

In de professionele wereld van zorg+welzijn, gaat er geen week voorbij of er wordt wel een conferentie gehouden over de transities die in gang zijn gezet. In de media verschijnen alarmerende berichten over…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 23 Maart 2014 om 9.25

De onbetaalde professional als de nieuwste variant van maatschappelijke uitbuiting

Geen conferentie over de transities zorg+welzijn en participatie, geen beleidsnota over het sociaal domein of de loftrompet wordt gestoken over de ‘nieuwe burger’ die zich dient te transformeren tot hoeder van de…

Doorgaan

Door Daan Vosskuhler geplaatst op 15 Februari 2014 om 9.41

Het glas halfvol. Waarom marktdenken en meedoen niet samengaan

Soms denk ik dat het marktdenken in welzijn en zorg nu wel zijn langste tijd heeft gehad maar niets lijkt minder waar. Waar ik ook maar kom, steeds weer zie ik professionals, managers, bestuurders volop bezig werk binnen te houden. Met name zie…

Doorgaan

Door John Beckers geplaatst op 24 December 2013 om 8.30

Bij sommige welzijnsdiscussies  vraag ik me af, waar ze in hemelsnaam over gaan.                                    Neem nu de rol van het opbouwwerk, dat in de benadering van ‘Welzijn nieuwe stijl’  bij voorkeur wordt weggezet als ‘niet meer van deze tijd’. Snel wordt dan als reactie door het welzijnsmanagement een nieuwe naam bedacht. In mijn wijk, moet de opbouwwerker sinds kort als  ‘sociaal werker’ worden aangesproken. En die naam zal binnen een jaar ongetwijfeld verder zijn geüpdate tot ‘sociaal makelaar’, ware het niet dat de werker inmiddels zijn ontslag heeft gekregen…omdat hij  ‘boventallig’ is.  En daarmee komt de teller op ongeveer 599  nog werkzame opbouwwerkers in dit land.    Uitgaande van 450 gemeenten, betekent dit gemiddeld 1.3 fte per gemeente. Daarmee wordt de omvang en impact van hun werk duidelijk: geen factor van betekenis, ook de laatste der Mohikanen kan met vervroegd pensioen.

De stemming is gezet door de paar goedbetaalde  kopstukken die de landelijke discussie pachten over  ‘Welzijn nieuwe stijl’, en eindeloos de mantra burgerkracht aan het herhalen zijn.  Het meest verbijsterende is wel hoe snel de managementslagen als ware papagaaien dit nieuwe credo overnemen  en ondertussen proberen in de zorgsector een veilig heenkomen te zoeken.                     Redde wie zich redden kan.                                                                                                                                            Dit alles speelt zich echter mijlen ver af van de wijken, waar opbouwwerkers ooit de taak hadden om als cement tussen de stenen te functioneren. Om te verbinden  wat losgeslagen was, om te initiëren waar het bewoners  -nog-  aan de knowhow ontbrak om dit zelf te doen. Tot de overheid begon het werk aan banden te leggen. Met de komst van wijkmanagers van gemeenten, die als verbinding van overheid en bewoners bedacht waren, kwam onafhankelijkheid van de opbouwwerker  in gevaar. Deze contactambtenaren immers zagen de opbouwwerker maar al te graag als loopjongen van de gemeentelijke  wijkontwikkeling. En zo werd de opbouwwerker een halve ambtenaar. Voeg daarbij de administratie die hoort bij ‘evidence based work’  en je weet dat de meest kritische en  innovatie werkers een goed heenkomen zochten.                                                                                                                 Wat de kracht van de professie had moeten zijn:  het  voortdurend in intensief contact met wijkbewoners staan om  in gezamenlijkheid   leefbaarheidthema’s aan te pakken,   werd een afkalvende werksoort, die gebukt ging onder identiteitsproblemen.                                                                                                                                                  Dat laatste werd gevoed door al die directies en managers, die weinig tot niets hebben bijgedragen aan de wezenlijke professionalisering van de werksoort. Zij schoven liever aan bij de subsidiegevers om de laatste marsorders  voor ‘facilitair werken’ ,  ‘vraaggerichte processturing’  of ‘projectmatig werken’ in ontvangst te nemen.                                                                                                                        Kortom de werksoort is klaar voor een definitieve eliminatie.  Daar helpt ook de roep om ‘branding’, het welzijnsproduct als merkartikel in de markt te zetten, ook niets aan.  Het is een modieuze, niet inhoudelijke poging om de status van de werksoort op te krikken.                                                 Bovenstaande – kort door de bocht- opinie, is niet gebaseerd op landelijk onderzoek . Nee, ik heb het opbouwwerk in mijn wijk vanaf 2005 van dichtbij kunnen observeren. In deze periode zijn zo’n 6 werkers de revue gepasseerd. Een gemiddelde duur van 16 maanden. En denk nu niet dat ze deze tijd ook aanspreekbaar in de wijk aanwezig waren. Het was net als met wijkagenten. Ooit berekende ik dat onze wijkagent, op basis van zijn fulltime baan, hooguit 12 uur per week in de wijk aanwezig was. En als hij daar een jeugdige fietsendief op heterdaad betrapte, was hij vervolgens minstens 4 uur bezig om alle papierwerk voor de aanhouding te regelen.                                                                            Kortom wat we in papieren nota’s  belijden: korte lijnen communicatielijnen met de burger, blijkt in de praktijk een steeds groter wordende afstand te worden.                                                                                  En daarmee is de teneur gezet voor het nieuwste welzijnsspeeltje: burgerkracht.  God verhoede dat die losbreekt…omdat de gemeentelijke overheid totaal niet toegerust is om dit soort initiatieven te ondersteunen of fiatteren. Met als gevolg het afhaken van een nieuw potentieel aan actieve wijkbewoners, dat zich niet gezien en gehoord voelt door gemeenten die op de rem gaan staan en de regie voor de wijkontwikkeling niet uit handen willen of kunnen geven.

Voeg daar de laatste beleidsontwikkeling aan toe: de transitie WMO/AWBZ op wijkniveau,met zorginstellingen die aangeven weinig of niets te weten van wat er zich op wijkniveau afspeelt …en de roep om opbouwwerkers als kwartiermakers voor wijkzorg wordt duidelijk.                                         Moeten we die schamele 599 fte’s toch nog maar even aanhouden!

Daan Vosskühler                                                                                                                                               Wijkbewoner Schothorst in Amersfoort

                                                                                       

 

Weergaven: 1135

Opmerking

Je moet lid zijn van Welzijn in de 21e eeuw om reacties te kunnen toevoegen!

Wordt lid van Welzijn in de 21e eeuw

© 2019   Gemaakt door John Beckers.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden